Reactie op documentaire 'Gegijzeld door anorexia'

Gepubliceerd: 17 oktober 2019

Woensdag 16 oktober zond 2 het programma Zembla  op NPO 2 de documentaire uit ‘Gegijzeld door anorexia’. Hieronder leest u de reactie de Nederlandse Academie voor Eetstoornissen (NAE) op de documentaire. Amarum onderschrijft deze reactie van harte. 

Zembla legt de worsteling van kwetsbare patiënten bloot en de enorme machteloosheid van de ouders die daarmee samenhangt. Ook is de druk op de gespecialiseerde professionals die dag in dag uit strijden om de zorg voor deze mensen zo optimaal mogelijk te maken, voelbaar. Het is frustrerend, het maakt ons als professionals soms ook machteloos en tegelijkertijd motiveert het ons om de zorg voor deze groep patiënten verder te verbeteren. In de praktijk zien we gelukkig dat ook veel kinderen en jongeren herstellen, zo’n 75%, dat is nog steeds de grootste groep. Dat laat deze reportage helaas niet zien. Wij willen juist een boodschap van hoop meegeven aan mensen met een eetstoornis, aan hun naasten en hulpverleners.

De zorg moet echter beter. Onder ‘beter’ verstaan we: het eerder herkennen van eetstoornissen, het verder ontwikkelen, verspreiden en ook inzetten van de kennis over effectieve behandelingen. En het verder ontwikkelen van gecombineerde zorgmogelijkheden als er sprake is van co-moribiditeit (zoals eetstoornissen en autisme). Daarnaast is snelheid geboden: het is belangrijk dat een patiënt snel de juiste behandeling op de juist plek krijgt zodat de prognose gunstiger wordt, en patiënten kunnen herstellen van hun eetstoornis. 

K-EET is dit voorjaar door minister Hugo de Jonge opgericht, het is een projectgroep waarin mensen met veel kennis op het gebied van eetstoornissen doelgericht aan oplossingen werken voor 2 hardnekkige problemen in de ‘keten’ van eetstoornissen. Denk hierbij aan de (zeer lange) wachttijden voor de klinische behandelplekken, de verwijsmogelijkheden na opname (het afschalen) en een actueel overzicht van het behandelaanbod, landelijk en regionaal. 

Peter Dijkshoorn, voorzitter van K-EET: 'Mensen met een (potentiële) eetstoornis moeten eerder worden herkend, beter worden begrepen en eerder en beter worden behandeld. We willen echt een daling in het aantal ernstig zieke patiënten. Vroegtijdig herkennen en behandelen leidt tot minder lijden en minder maatschappelijke kosten'. De projectgroep heeft een routekaart naar verbetering gemaakt die binnenkort met de minister wordt besproken en daarna van start zal gaan.